Hole 1

Hole 1 is zeker niet de gemakkelijkste openingshole. Het is een hole met wat gemenigheidjes, de mound op de fairway, de hoge green met diepe bunkers aan beide zijden en water rechts van de hier aflopende fairway voor de green. Dus als je hier punten haalt, heb je het goed gedaan. Laten we eens kijken hoe we deze hole het beste kunnen spelen, met verdeling van de handicapslagen.

Van de tee, met twee extra slagen.

Eerst slag rechts op de fairway voor de mound. Tweede slag midden fairway over de mound. Derde slag afhankelijk van waar de vlag staat rechts, midden of links op de fairway. Vierde slag op de green. Neem een club meer omdat de green hoger ligt.

Van de tee, met één extra slag.

Eerste slag net als hierboven. Houd bij de tweede slag rekening met de pinpositie en sla dan de bal rechts, midden of links op de fairway. Met de derde slag naar de green. Neem een club meer omdat de green hoger ligt.

Van de tee, zonder extra slag.

De “Tiger-line” is links over de bomen. Houd er wel rekening mee dat de tee wat naar rechts wijst, waardoor het oplijnen er niet gemakkelijker op wordt. Een mooie draw of lichte hook is natuurlijk ook mogelijk voor de kanjers onder ons. Speel niet te scherp naar de vlag, als deze in de buurt van een bunker staat.


Natuur

De Bonte Vliegenvanger

De Bonte Vliegenvanger is een broedvogel van loof- en gemengde bossen, en broedt ook in oude parken en grote tuinen. Hij broedt in holen, maar maakt ook vaak gebruik van nestkasten op plaatsen waar natuurlijke broedplekken niet voorhanden zijn. Vanaf de eerste helft van de 20e eeuw broedt deze soort in Nederland.
Bonte vliegenvangers overwinteren in tropisch Afrika. Begin oktober zijn de meeste naar Afrika vertrokken, en rond de tweede helft van april worden de eerste weer in Nederland gezien.

Op Crossmoor kwam een broedgeval voor in 2010, en wel in de nestkast vlak naast de gele afslag van hole 1.

Hole 1:

  • Een rij Witte Esdoorns (Acer saccharinum) rechts van de fairway, langs het pad
  • Gele Catalpa (Catalpa bignonioides Aurea) in dogleg links voor de bosrand
  • Achter de green enkele Mammoetbomen (Sequoiadendron giganteum)

Mammoetboom (Sequoiadendron giganteum)

De Mammoetboom behoort tot de soorten die zeer oud kunnen worden; enkele duizenden jaren is geen uitzondering. De boom heeft een fraaie kegelvorm en de uiteinden van de hangende takken wijzen omhoog. Ze zijn winterhard en worden tot 40 meter hoog. In Nederland zijn bomen gemeten met een stamomvang van ruim 7 meter. In Amerika staan exemplaren van 80 meter hoog en 30 meter omvang.

De dikke sponsige schors is vuurbestendig doordat deze geen hars bevat. Wel is de bast rijk aan looistoffen, waardoor er niet snel rotting optreedt. Pas op de leeftijd van 30 jaar begint de vorming van kegels en het duurt 2 jaar voordat die rijp zijn.